Tips voor een levendige tuin

1. Biodiversiteit is vaak een lokale aangelegenheid: veel Nederlandse bijen, vlinders en andere insectensoorten zijn afhankelijk van Nederlandse planten. Zaai daarom vooral inheemse planten en bloemen, hier en daar gemixt met jouw favoriete exotische(re)planten. Op www.maakgrijsgroener.nl/biodiversiteitPlanetenlijst.pdf vind je een lijst met inheemse soorten.

2.Maak van al je tuinafval en gft een composthoop: de compost kun je gebruiken om je tuin te bemesten en de hoop zelf is een mooi thuis voor bijvoorbeeld egels en hommels. Tips op milieucentraal.nl.

 

3.Er zijn steeds minder plekken waar bijen en andere insecten kunnen overwinteren, schuilen of eitjes leggen. In een goed gebouwd insectenhotel bied je een veilige plaats voor hun eitjes. Hoe? https://www.natuurmonumenten.nl/kinderen/zo-maak-je-een-insectenhotel

 

4.Rommel is goed! Stop met harken en laat bladeren liggen. Ze vormen een laagje op de bodem waar dieren en planten voedsel uit halen en die ervoor zorgen dat je tuin beter water vasthoudt.

 

5.Op zoek naar plantjes maar geen groot budget? Via Marktplaats of Facebook kom je gratis of voor een prikje aan planten en (fruit)bomen.

 

6.In een diervriendelijke tuin is water één van de belangrijkste elementen. Een vijvertje kan je al maken van een ingegraven speciekuip. De vogelbescherming heeft een goed stappenplan op hun website: https://tinyurl.com/8uvtxvv2

7. Hoe zorg ik dat mijn ingezaaide bloemenweide de jaren erna weer uitbundig bloeit?

 

  • Laat de mengsels in eerste instantie gewoon opkomen. Belangrijk is voldoende licht en ruimte om te groeien.

  • Sterke vergrassing? Dan toch maaien ondanks éénjarige soorten. Dit om de vaste soorten voor komende jaren te behouden.

  • Maai iedere keer wanneer deze 20-25 cm hoog is en maai op > 5cm boven de grond.

  • Maai met een zeis, bosmaaier met een messenblad (geen draadkop!) of een cyclomaaier (geen klepelmaaier). Deze vermulschen de vegetatie niet, waardoor het ook gemakkelijk af te harken of op te rapen is.

  • Voer maaisel altijd af.

 

Hoe beheer ik de bloemenweide na het eerste jaar?

  • Maai één of twee keer met een zeis, bosmaaier met een messenblad (geen draadkop!) of een cyclomaaier (geen klepelmaaier.

  • Maai evt gefaseerd bij grotere stukken > Maai dan eind mei-begin juni een deel van de vegetatie af en andere deel  augustus-september.

  • Maai kleinere stroken één keer in september.

 

Wanneer moet ik maaien en afvoeren?

  • Je moet altijd het maaisel af te voeren na een maaibeurt anders verstikken kiemplanten of kan licht niet meer doordringen tot op de zaden die op de grond liggen. Het is een fabel het maaisel te moeten laten liggen.

 

Bloeiperiode van de bloemenweide verlengen? Je kan de bloeiperiode van de bloemenweide op twee manieren verlengen:

  • Door een gefaseerd maaibeheer uit te voeren.

  • Door bloembollen toe te passen voorafgaand aan het zaaiwerk > verwilderingsbollen (bostulp, krokus, sneeuwklokje)

Folder foto 2 - edited.png
2015-08-08 12.33.54 - edited.png
2014-04-30 14.33.56 - edited.png
2015-08-07 12.39.14 - edited.png